| Ida's levensloop |
|
Het leven van Ida Peerdeman
door Mohamed el-Fers Voor Ida Peerdeman (1905-1996) kwam de erkenning te laat. Decennialang
was zij in kerkelijke kringen omschreven als een hysterica. Ook de katholieke
pers had haar vaak gedemoniseerd. Niet dat Ida te koop liep met haar Mariaverschijningen.
Elk interview werd beslist afgewimpeld, dit nadat de KRO haar onheus had
behandeld. Ida Peerdeman: «Dat was heel in het begin. De KRO had
me wat moois geleverd en me uitgezonden met een zwart blokje voor mijn
ogen. Ze beschouwden me als een hysterica.» De Alkmaarse jaren (1905-1913 ) Diezelfde dag werd Ida als Isje Johanna gedoopt in de parochiekerk van Sint Laurentius. De Kerk waar het relikwie van het Bloedwonder van Alkmaar werd bewaard. Ida, in een door haar op 22 oktober 1979 opgestelde verklaring: In het jaar 1910 zijn mijn ouders, met ons, een zoon en vier dochters, naar Amsterdam Centrum verhuisd.Kort voor de Eerste Wereldoorlog, in 1913 verhuisde het gezin naar Amsterdam. De eerste jaren in Amsterdam (1913-1917) Ida in 1979: "Dankzij mijn vader hebben we een prettige, huiselijke en vrolijke jeugd gehad. Hij ging altijd met ons naar de kerk en thuis werd gemusiceert en gezongen. Vader en mijn zusters speelde piano, mijn broer en ik viool." Ida is vooral graag samen met haar broertje Piet, die haar begrijpt, met haar praat en haar troost als ze verdrietig is. Als katholiek gezin gaan ze zondags naar de Dominicuskerk, waar Ida ook haar Eerste Heilige communie doet en later zal worden gevormd. Verder is men thuis niet bijzonder vroom. Voor het eten wordt er gebeden, maar dat is ook alles. Als kind gaat Ida elk weekend in een dominicaner kerk biechten bij pater Frehe, die later haar geestelijk leidsman zal worden. Frehe is allesbehalve lichtgelovig, maar persoonlijk ten diepste overtuigd van de echtheid van de boodschappen. Als theologisch geschoold Dominicaan onderwierp hij de door de zieneres overgebrachte schouwingen en woorden van de Vrouwe aan een uiterst nauwkeurig onderzoek. Als toegewijd en onbaatzuchtig zielzorger was hij tegenover iedereen mild en goed en vol zelfopoffering. Echt streng was hij alleen voor zichzelf en - als het de zaak van de Vrouwe van alle Volkeren betrof - voor de zieneres. Maar hiermee lopen we te ver op de zaak vooruit. Want op 13 oktober 1917, de gedenkwaardige zaterdagmiddag in de rozenkransmaand, dezelfde dag waarop in Fatima het zonnewonder plaatsvindt, gebeurt er gelijktijdig iets wonderbaarlijks in Amsterdam. Zaterdag 13 oktober 1917, dag van het Zonnewonder van Fatima Als vele jaren later de Vrouwe van alle Volkeren aan haar verschijnt, herkent Ida deze onmiddellijk als dezelfde 'Dame in het wit'. 33 jaar later bij de 25ste verschijning vraagt Ida bezorgd aan de Vrouwe: Zullen ze mij geloven? Dan herinnert Maria haar zelf aan de drie verschijningen van 1917 wanneer zij antwoordt: Ja. Daarom ben ik vroeger reeds tot je gekomen toen gij het niet begreep. Dat was toen ook niet nodig. Dat is het bewijs geweest voor nu (10 december 1950). Dat betekent: deze verschijning is geen misleiding maar werkelijk Maria, net zoals destijds. Na twee jaar mulo wil Ida graag verder leren om, net als haar zuster,
kleuterleidster te worden. Maar na een praktijkles wordt ze naar huis
gestuurd met de mededeling: Helaas bent u er niet voor geschikt.
U heeft te weinig fantasie en voorstellingsvermogen. De Boldoot-jaren (1921-1948) Op 13 augustus 1921, Ida's 16e verjaardag, krijgt zij van pater Teppema o.p. een gebed dat zij tot haar dood elke dag zal bidden. De 20 jarige Ida heeft veel bewonderaars maar voelt zich niet tot het
huwelijk geroepen. In deze tijd krijgt Ida steeds meer te lijden van demonische
aanvallen. Ook nu nog herinnert Heleen, de dochter van Idas broer
Piet, zich heel precies wat er in de familiekring allemaal verteld werd
over deze tijd waarin zij zoveel te lijden had van demonische kwellingen. Wel begonnen er ook thuis manifestaties die in een Polter geist-film niet zouden hebben misstaan. Lampen gingen woest heen en weer. Deuren openden en sloten zich vanzelf. De wijzers van de klok gingen als waanzinnig geworden ronddraaien. De oven die zelden werd gebruikt, begon vanzelf te roken. Ida wordt hevig door demonen belaagd en het hele gezin lijdt mee - zoals Idas broer Piet later aan zijn dochter Heleen vertelt. Als bijvoorbeeld pater Frehe in de pastorie zich gereed maakt om de familie Peerdeman te gaan bezoeken, begint Ida op hetzelfde moment te vloeken en te tieren. Ze beschikt plotseling over zulke grote lichamelijke krachten dat ze een zware stoel tot boven haar hoofd kan tillen. Haar stem is totaal veranderd. Zoiets kennen wij uit het leven van de heilige karmelietes Mirjam van
Abellin (Mirjam Baouardi, in 1846 geboren in het dorp Abellin, gemeente
Nazareth in Palestina). Net als Ida moest ook deze heilige Arabische karmelietes
eerst zon bezetenheid doormaken voordat zij klaar was om de grote
genade te ontvangen. Met toestemming van de bisschop van Haarlem wordt Ida onderworpen aan de eeuwenoude uitdrijvingsrituelen van het exorcisme. Na de nodige besprenkelingen met wijwater, horen de gezinsleden een satanische stem, die door Idas mond de priester hatelijk beschimpt. Pas na de opleggingen van relikwieën en kruisbeelden verlaat Satan met tegenzin haar lichaam. Het laatste wat de duivel tegen pater Frehe zegt is: «Jullie priesters, ik zal klaarkomen met jullie!» Op weg naar huis raakt de pater ernstig gewond als gevolg van een val door een ijzeren rooster. Ook op andere manieren ervaart pater Frehe de woede van de demonen. Zo worden beiden - Ida en haar leidsman - twintig jaar lang geestelijk voorbereid op de komst van de Vrouwe van alle Volkeren. In 1928 krijgt Haarlem een nieuwe bisschop: Joannes Dominicus Joseph Aengenent (1928-1935). Vader Peerdeman, die nooit hertrouwde, stierf op 17 juni 1934. Hij wordt begraven op Barbara. Kort daarop verhuizen Ida en haar drie zusters vanuit Amsterdam Centrum naar de Uiterwaardenstraat 408-3 in de Rivierenbuurt, waar ze tot begin '80-er jaren zal blijven wonen. Een nieuwe woning en een nieuwe bisschop in Haarlem, de Amsterdammer
Jan Huibers (1935-1960). Jarenlang verloopt nu Idas leven in alle rust. Slechts één keer - lang voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog - ziet ze, terwijl ze aan haar bureau bij Boldoot aan het werk is, geheel onverwachts in een visioen talloze uitgeputte soldaten voorbijtrekken. De oorlogsjaren (10 mei 1940-25 maart 1945) In 1941 krijgt Ida bij Boldoot een lichte hartaanval. De snel uit de Staatsliedenbuurt gehaalde dokter verbiedt haar met de fiets naar huis te gaan en besteld een taxi. Ida blijft zes weken ziek thuis. Ida: "Al die toestanden, die moorden, oorlogen, aids. Vroeger dacht ik: wat is dat allemaal? Toen dacht ik dat het cholera was. Vroeger wist je nog niet van aids. Nu zie je het op televisie." Deze periode van oorlogsvisioenen eindigde abrupt op 25 maart 1945.Nog niet alle gebeurtenissen hebben zich werkelijk voltrokken, als de Vrouwe van alle Volkeren haar voor het eerst sinds oktober 1917 weer verscheen. De Verschijningsjaren (1945-1959) Van 25 maart 1945 tot 1959 verscheen de Vrouwe haar 56 maal. De Vrouwe,
omgeven door licht, sprak langzaam. Ida sprak haar na en haar zus, onderwijzeres
in de Spaarndammerbuurt, tekende de teksten op. Toen de Vrouwe verscheen,
sprak zij: Zeg mij na". Dat deed Ida, op verzoek van de tijdens haar
eerste verschijning aanwezige pater Frehe "luid en duidelijk",
terwijl haar zus, kleuteronderwijzeres in de Spaarndammerstraat, alles
in schoolschriften optekende. Pater Frehe heeft haar opgedragen uitsluitend
letterlijke teksten op te schrijven. Ida zal tot 1948 bij Boldoot werkzaam blijven. Uiteindelijk komt ze als
assistant-tijdschrijver op de fabrieksvloer terecht. Na 28 jaar, in 1948,
neemt ze afscheid van Boldoot. om onbetaald de zorg voor twee gehandicapte
zonen van de familie Brenninckmeijer op zich te nemen. Op 31 mei 1956 (Sacramentsdag) had Ida Peerdeman reeds haar 52ste verschijning.
Bij die gelegenheid wees Maria haar vanuit de woning in de Uiterwaardenstraat
408-3 de plaats aan de Zuidelijke Wandelweg waar de Alle Volkeren-kerk
zou moeten komen. De Vrouwe toonde Ida in een driedimensionaal visioen
het model van de kerk, te bouwen op de plek waar tegenwoordig de Rai staat. Twee openbare verschijningen Inmiddels houden de Amsterdamse verschijningen de katholieke wereld in hun ban. De twee openbare verschijningen die plaatsvonden in de St. Thomas-kerk waren voor Ida zeer ingrijpende gebeurtenissen. Ze haalt er zelfs de krant mee. In eerste instantie laat bisschop Huibers in 1951 weten dat hij geen bezwaar heeft tegen het door Maria gedicteerde gebed en de op aanwijzingen van de zieneres vervaardigde afbeelding van Maria, maar laat weten dat hij niets bovennatuurlijks zien in de gebeurtenissen. Het onderzoek Uit het psychologisch dat is ingesteld op verzoek van de bisschop, blijkt dat zij volledig normaal is. Ida heeft geen beeldend voorstellingsvermogen, maar is veeleer nuchter en fantasieloos. Dat de kerkelijke top eerst tegenwerkt, is gebruikelijk; dat was ook in Lourdes en Fatima het geval. Ida over deze commissie onder mgr. Huibers: "Ja, die waren gelijk
al tegen. U begrijpt wel hoe dat aangepakt werd. Degene die erover ging,
die leeft nog. U hebt ze misschien wel eens gezien op tv, die mooie heren." Het commitee van de Haarlemse bisschop veroordeeld in juli 1954 de boodschappen van Ida met de mededeling dat de Heilige Maagd Maria ze nooit kan hebben gezegd en verbied iedere vorm van publikatie van de boodschappen alsook de afbeelding. In 1955 wordt de veroordeling opgenomen in het Analecta van het Bisdom Haarlem. Blijkbaar trekken de fans van Maria zich hier weinig van aan, want op 7 mei 1956 laat Mgr. Huibers in een communiqué opnieuw weten dat de verering van de Amsterdamse Mariaverschijning verboden is, er niets buitenaards aan de hand zou zijn bij Ida Peerdeman en dat ook de verspreiding van haar boodschappen verboden is. Op 2 maart 1957 wordt dit communiqué nogmaals geconfirmeerd door bisschop Huibers. Omdat hij er niet in slaagd de devotie te stoppen, hopen dat een brief van Rome meer indruk zal maken. Op 13 maart 1957 onderschrijft het Heilig Office in Rome de eerdere veroordelingen van de bisschop (prot. N.511/53). De brief is ondertekend door secretaris Joseph Cardinaal Pizzardo, die bisschop Huibers feliciteerd met zijn voorzichtigheid en wijsheid. De Belevenisjaren (1958-19) Vanaf 1958 kreeg Ida visioenen en ervaringen die meestal in nauwe betrekking staan tot de heilige mis en daarom de 'Eucharistische Belevenissen' worden genoemd. In 1959 verbied bisschop Huibers het boek 'Maria en de verschijningen te Amsterdam' van dr Louis Knuvelder, uitgegeven bij Pax in Den Haag. Op 22 juni 1959 veroordeeld het Heilige Office in Rome opnieuw de verschijningen van Ida als 'pseudo' en onderschrijft het verbod op het boek van dr. Knuvelder. In 1960 volgt Joannes Antonius Eduardus van Dodewaard (1960-1966) Op 25 augustus 1961 schrijft het Heilig Office (Prot. N. 511/53) dat na serieuze consultatie het eerder gegeven oordeel definitef is en de zaak niet opnieuw geopend hoeft te worden. Het door Ida voorspelde Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) wordt in 1962 door paus Johannes XXIII geopend. Ida's getrouwde broer Pieter Jacobus Peerdeman overlijd op 2 februari 1964. Theodorus Henricus Johannes Zwartkruis (1966-1983) volgt in 1966 bisschop Van Dodewaard op. Onder bisschop Zwartkruis kwam het opnieuw tot een onderzoek. Hoewel een lid van zijn onderzoekscommissie liet weten dat Lourdes op mindere gronden door de kerk was erkend, verbood Zwartkruis de devotie. In 1966 treed Ida in tot de Militia Jesu Christi, waar ze eerst haar
jaarlijkse gelofte aflegd, om op 9 oktober 1977 haar eeuwige gelofte af
te leggen. Op 12 Februari 1967 sterft de man die gedurende 50 jaar (van 1917 tot 1967) de geestelijk leidsman en biechtvader van zieneres Ida Peerdeman was geweest: pater J. Frehe O.P. In 1970 bereikt Ida de pensioengerechtigde leeftijd. Vanaf 1970 is ze
werkzaam op het secretariaat in de Diepenbrockstraat 3. Het pand is dan
eigendom van de Paters van het Alklerheiligst Sacrament. Hier zou Ida Peerdeman uiteindelijk de laatste jaren van haar leven doorbrengen. Ook onder mgr. Theodorus H.J. Zwartkruis, bisschop van Haarlem van 1966
tot '83 was er weinig begrip voor mej. Peerdeman. De bisschop van Haarlem, Mgr Huibers, vertelde aan Ida dat hij blij was dat Maria in zijn bisdom was verschenen. Maar net als zijn opvolgers Mgr. Doodewaard en Mgr. Zwartkruis durfde de bisschoppen de confrontatie met de modernisten niet aan. Ida Peerdeman heeft altijd de openbaarheid geschuwd en gepoogd een zo normaal mogelijk leven te leiden. Ida Peerdeman: «Er was wel eens iemand die zei dat het onbegrijpelijk was dat ze het niet aannamen. Antwoordde ik met: de kerk moet voorzichtig zijn. Dat zie je nu in Amsterdam met die andere verschijningen (van O.L. Vrouwe ter Staats in Stadsdeel Westerpark me-f). Stel je voor...»
Toen de garage van de Diepenbrockstraat in 1976 tot een kapel werd omgebouwd, trad Ida wat meer naar buiten. Zij bad daar vaak de rozenkrans voor en stond bezoekers uit binnen- en buitenland vaak persoonlijk te woord. Op 9 oktober 1977 legt Ida haar eeuwige gelofte af voor de Millicia Jesu-Christi'. Op 1 september 1980 sterft Ida's oudste zus Gesina J. Peerdeman, geb 13 augustus 1897. Ida's tweede leidsman, pater Kerssemakers s.s.s., overlijd in 1981. Na een mislukte poging de pater in de tuin van de Diepenbrockstraat te mogen begraven, komt hij eerst op begraafplaats Buitenveldert te liggen, waar zijn graf gesiert wordt met de bronzen afbeelding van Maria van Alle Volkeren. Later volgt er een bijzetting in de Peerdemans-tombe op de Sint Barbara-begraafplaats. Henricus Joseph Aloysius Bomers CM (1983-1998) volgt in 1983 bisschop Zwartkruis op. De wereldwijde verering van de Amsterdamse Maria bleek niet meer te stoppen. Ook bisschop Bomers wordt gekonfronteerd met de niet aflatende aanhang voor de verschijningen van de Allerheiligste Moedermaagd in zijn diocees. 1 september 1990 sterft Ida's zus Johanna M. Grothues Heidkamp-Peerdeman, geboren 6 juni 1899. Erkenning en dood in 1996 De laatste jaren van haar leven werd Ida Peerdeman net als in haar jeugd weer overvallen door duistere machten. Toen ze medio jaren tachtig ging wonen aan de Amsterdamse Diepenbrockstraat werd ze diverse malen uit haar bed opgetild, heen en weer gerammeld en in een hoek van de kamer gekwakt . Zoals de Vrouwe haar voorzegd had, zouden lichamelijk en geestelijk lijden haar niet bespaard blijven. Deze eenvoudige vrouw met twee jaar voortgezet onderwijs ontbeerde theologische kennis toen zij werd geconfronteerd met beelden, woorden en opdrachten die haar vaak verwarden en angstig maakten. Velen namen haar niet serieus. Hetzelfde gold voor de boodschappen die zij moest doorgeven. Vaak moest zij onbegrip, ongeloof, ja zelfs spot en vernederingen ondergaan. Toch heeft niemand haar persoonlijke integriteit in twijfel getrokken. Bovenal werd van haar onmenselijk geduld gevraagd, wat vaak haar geloof en vertrouwen op de proef stelde. Na al die jaren met haar drie zussen te hebben geleefd, komen die de een na de ander te overlijden. Ida krijgt zelf borstkanker, maar liet zich uit angst voor verblijf in het ziekenhuis pas zeer laat opereren. Bovendien heeft ze al sind het begin van de Tweede Wereldoorlog een hartkwaal. Tot aan het eind van haar leven bleef zij echter zichzelf, de eenvoudige vrouw met een opgewekt karakter, wars van elk eerbetoon. Ida wist dat het allemaal wel goed zou komen. Een paar weken voor haar dood sprak ze: «Een bisschop vanuit Rome zei me: Ida, het is nu al vijftig jaar. En na vijftig jaar is alles nu pas uitgekomen. We leven midden in de boodschappen. Het is allemaal uitgekomen.» Na meer dan 50 jaar wachten beleefde de hoogbejaarde zieneres dat op 31 mei 1996 de openbare devotie voor de Amsterdamse Mariaverschijning weer werd vrijgegeven. Daarna ging haar gezondheidstoestand snel achteruit. Ida Peerdeman stierf op 17 juni 1996. Haar uitvaartmis werd geleid door bisschop Bomers. Postuum werd haar op het graf het habijt van de nonnen van de Familie van Maria Medeverlosseres verleend. Haar woning is nu het centrum van waaruit dagelijks pallets vol bidprentjes en afbeeldingen van de Amsterdamse Mariaverschijning over de hele wereld verzonden om zo «de verwording» van de wereld te voorkomen. OPMERKINGEN? Heeft u aanvullingen, correcties etc, op de biografie van Ida Peerdeman, schrijf het in ons Ida-board om dit bekend te maken.
DE DVD's VAN TÜRKEVI EN MOKUM TV
Met niet minder dan 4 DVD's en 1 CD viert Turks Huis dat het in 2004 op de kop af 40 jaar geleden is dat de eerste Turkste gastarbeiders werden gecontracteerd door de Nederlandse overheid. Bovendien vieren we in 2005 dat het dan 1000 jaar geleden is dat Graaf Dirk III als eerste geregistreerde Hollander het gebied van het huidige Turkije bezocht. Daarover zal in de loop van het volgend jaar een speciale cd verschijnen in de serie World History: The Ottoman Heritage, een project van Türkevi in samenwerking met MokumTV Amsterdam.. De 4 DVD's zijn: De tolerante islam van Mevlana, met naast de veelgeprezen documentaire van auteur en Mevlana-biograaf Mohamed el-Fers het complete integrale ritueel van de Wervelende Derwisjen. De DVD Maria in de Koran heeft naast de verfilmde verzen uit hoofdstuk 19 over Maria in de Koran als extra's o.a. het unieke interview met Mariazieneres Ida Peerdeman en beelden van haar sterfhuis in Turkije. Met Zijne alheiligheid Bartholomeos I, Patriarch van de Orthodoxe Kerk, Zijne hoogwaardige eminentie mgr. Jozef Punt, bisschop van Haarlem, Mariaal auteur Robert Lemm en Ida Peerdeman. Op de DVD Oil over Europe 1 is het genieten van drie jaar Europees Kampioenschap Turks Olieworstelen. Een must voor de liefhebbers van no-nonsence traditioneel olieworstelen door beren van kerels in leren broeken. Ideaal cadeau voor de katholieke vrouw om op sportieve wijze kennis te nemen van het bestaan van andersgelovigen. Op de DVD Mehter in Holland zien we het befaamde Sultanale strijdorkest voor het Koninklijk Paleis op de Dam en tijdens de EK Olieworstelen in Amsterdam. Lees het verslag over Inegöl-mehter op de Zaanse Schans en geniet van de Harbiye Asker Mehter van het Militair Museum van Istanbul.. Als extra bonus The Making of... Undercover, een docudrama naar het boek Hoe gevaarlijk zijn de Turken en The Seal and Seat of Sultan Abdülhamid II. De productie van de DVD's was in handen van Veyis Güngör. Camera en samenstelling: Mohamed el-Fers.
|
bibliografie
OPMERKINGEN? Heeft u aanvullingen, correcties etc, op de biografie van Ida Peerdeman, schrijf het in ons Ida-board om dit bekend te maken. AANVULLINGEN Ook als u een anecdote over Ida Peerdeman kent, deel deze dan met de bezoekers van deze website. U kunt uw verhaal hier kwijt
|